Dankwoord

Een boek schrijf je nooit alleen. Ik in ieder geval niet!

Veel mensen hebben concreet meegeholpen, meegedacht, advies gegeven of antwoorden op vragen die ik nooit zelf had kunnen vinden, maar vier mensen wil ik speciaal noemen. Zonder hen was Zonnestorm nooit geworden wat het nu is. Misschien was Zonnestorm zonder hen wel nooit uitgegeven.

Als eerste mijn schijfmaatje Olga Berger. Wekelijks zitten we bij elkaar om elkaars teksten te bespreken en van commentaar te voorzien. Zij heeft vanaf het begin met me meegedacht, vooral over de personages, want daar is ze met haar ongelooflijke mensenkennis erg goed in.
Aran bijvoorbeeld was moeilijk om vat op te krijgen. Wie was hij precies, wat maakte hem bijzonder, wat maakte hem afwijkend? Hoe dacht hij? Hoe gedroeg hij zich? Daar hebben we uren over gebrainstormd en langzaam maar zeker begon zich er een echte Aran in mijn hoofd te vormen.
Ook Lucas heeft een stukje van zijn brutaliteit aan Olga te danken. Vaak kreeg ik opmerkingen als: zo praat een puberjongen niet, dat is Biancataal. Uiteindelijk heb ik daar Lucastaal van weten te maken.

Ik had verzonnen dat ik krantenberichten in mijn boek wilde hebben. Vol goede moed ging ik die schrijven. Zo moeilijk kon dat niet zijn. Ik vergiste me. Een krantenartikel is iets heel anders dan fictie schrijven. Daar overtuigde journaliste Esther Scherpenisse me van. Niet de tekst opleuken met bijvoeglijke naamwoorden, geen eigen mening verkondigen, hoor en wederhoor toepassen. Ik leerde gortdroge artikelen schrijven, die door haar strenge ballotage kwamen. 

Een derde persoon die ik echt moet noemen, is mijn collega fantasy-auteur en lieve vriendin Femke Dekker. Zij heeft het manuscript van voor tot achter van commentaar voorzien. En wat voor commentaar! Na het lezen was ik helemaal van slag. Want Femke had gelijk: de eerste versie was niet zo goed (zacht uitgedrukt). Ik moest keihard aan de slag om al haar genadeloze kritiekpunten te verwerken, om ervoor te zorgen dat Zonnestorm een topper ging worden. Hele stukken zijn verdwenen, nieuwe scènes geschreven en de personages uitgediept. Door haar commentaar werd het een echt spannend verhaal. 

Op het moment dat het bijna af was, kwam de twijfel. Was het wel goed genoeg? Of kon ik het beter in de prullenbak gooien? Ik neigde naar het laatste. Weg ermee. Ophouden met schaven en schrappen. Het zou nooit meer goed komen. Zeker niet in de korte tijd die ik nog had om alles klaar te krijgen.
En toen was er kinderboekenauteur en superhulp Christien Boomsma. Ze las een paar fragmenten en overtuigde me dat dit boek meer dan de moeite waard was. Ze zei precies de juiste woorden op het juiste moment en wist me net even dat handvat te geven dat ik nodig had om grip te krijgen op de laatste problemen. Door haar zag ik het licht, zoals de moeder van Lucas zou zeggen. 

Uiteindelijk werd Zonnestorm zoals hij behoorde te zijn. Mede dankzij alle geweldige hulp die ik gekregen heb! Waarvoor mijn hartelijke dank!